Triomf der onbenulligheid
 
Vanessa Hudig
 
Een bouwvakker zit in zijn graafmachine, nog even en hij kan gaan schaften. De man bedient zijn hendels met een precisie die alleen door vakmannen wordt gewaardeerd. De onwetende toeschouwer merkt deze behendigheid niet op. Ook de situatie is zo vanzelfsprekend dat de meeste voetgangers zonder kijken zullen doorlopen: de machine hoort in dit decor, de bouwput van de stad. Ze lopen eraan voorbij. Het maakt hem niet uit, hij doet zijn ding.
 
Michal Butink plukt dit beeld van de straat. Onder de soepele maar saaie bewegingen zet ze geluid. De beelden worden zo gemonteerd dat ze meelopen met het ritmeen door deze aanpassing worden de bewegingen  schokkerig en onzeker. De alledaagsheid is op slag verdwenen; de man lijkt in gevecht te zijn met de zwaartekracht en het ros dat hij moet bestieren. Opeens lijkt hij clumsy en sukkelig, alsof de machine hem beweegt in plaats van andersom. Zo simpel lijkt het: beeld en geluid gaan een relatie aan die verder gaat dan de impact die ze  apart van elkaar zouden hebben. Dit is de essentie van de videoclip.
 
De popmuziek en film (later video) hebben vanaf de
beginperiode hand in hand gelopen.In de jaren '50 had lang niet iedereen een t.v. en een liveoptreden bijwonen behoorde nog nauwelijks tot de mogelijkheden. Om muziek te horen en te zien ging je naar de bioscoop. In 1955 kwam de film The Blackboard Jungle in de theaters, die eindigde met het nummer Rock Around the Clock van Bill Hailey. The crowd werd wild, kids stonden te dansen en te zingen in de gangpaden. Als bioscoopeigenaar mocht je blij zijn als er naderhand nog iets van je meubilair overeind stond.
 
Rock & Roll was de vibe. Het maakte een oergevoel los dat niet meer te temmen bleek. De opnames van de eerste Beatles optredens bewijzen het. She loves you, yeah, yeah, yeah... zingt het keurig in pak gestoken viertal. Maar de jongens en meisjes in de zaal lijken als door de duivel bezeten: ze schokken als in trance op de muziek, met wegrollende ogen. De meisjes gillen en huilen. De extase waarin ze  verkeren wordt een aantal van hen teveel. Er is geen vinger op te leggen maar zeker is dat je deelgenoot bent van een magisch moment, een legende.De life registratie van het optreden van Johnny Cash in de San Quentin gevangenis is op een andere manier net zo indrukwekkend. De mannen en jongens zitten op de grond, om hen heen de bewakers die bij het minste of geringste zullen ingrijpen. De spanning is letterlijk voelbaar als Cash vanuit zijn tenen zingt: San Quentin, I hate every inch of you. De gevangenen schreeuwen hun frustraties uit, hun yeah is hartverscheurend. Het zijn de juwelen van de eerste periode in de popmuziek en je moet er niet aan denken dat het geluid er later onder zou zijn gezet of dat Cash zou playbecken. De realtime van de opnames geeft ons een indruk van de intensiteit en de manier waarop de popmuziek werd ervaren.
 
Dat het ook anders kon bewees Bob Dylan met zijn Subterranean Homesick Blues, waarvan beweerd wordt dat het de eerste echte videoclip zou zijn. Dylan staat op een bouwterrein, onbewogen kijkt hij de camera in. Voor zich houdt hij de zogenaamde cue cards. Dat zijn de vellen papier waarop normalieter de tekst van de acteur staat, als  geheugensteuntje. Nu leest de kijker de tekst: ‘I'm on the pavement, thinking 'bout the government...’ Iedere keer gooit hij het vel papier weg waardoor er weer een nieuwe tekst tevoorschijn komt. We zien Dylan die zwijgend de teksten laat zien terwijl tegelijkertijd zijn stem het nummer zingt. Het beeld en geluid gaan een andere relatie met elkaar aan dan alleen de pure registratie. Door deze bijna simpele omkering, wordt een extra nadruk gelegd op de bedoeling van de maker. Dylan houdt ons de woorden voor, alsof wij de acteur zijn die de tekst moeten opzeggen. Het heeft iets van een bezwering waarbij het gaat om het belang van de woorden.
 
Vandaag de dag is het fenomeen videoclip niet meer weg te denken uit de popmuziek. Een clip maakt onderdeel uit van het imago van de band of artiest en verbeeldt de ideeen van de maker op een andere manier dan de muziek of tekst. De goede clips worden getoond op MTV; waarschijnlijk een  van de meest belangrijke barometers van de westerse cultuur. Het is tevens het grootste pop-podium ter wereld, waarnaar zelfs in de verste uithoeken van deze aarde wordt gekeken. Om op dit podium een plek te kunnen veroveren moet je op zijn minst met iets spectaculairs komen. Alle registersworden opengetrokken en inspiratie wordt overal vandaan gehaald.

De clip is een soort speeltuin en experimenteer ruimte voor regisseurs en filmmakers. De muziek is het uitgangspunt, verder mag en kan alles. Maar net als bij film werkt het ‘t beste als de techniek wordt ingezet voor het realiseren van een sterk idee.
Michel Gondry is zo’n regisseur. Zijn werkwijze houdt het midden tussen die van een briljant wiskundige en een wereldvreemde dagdromer. Hij werkt met een aantal terugkerende concepten, zoals bijvoorbeeld omkeringen en loops. In de clip voor het nummer ‘Deadweight’ van Beck zie je een slaapkamer met muurvullende familieportretten terwijl de fotolijsten met een behangpatroon zijn gevuld. Wanneer Beck op straat loopt neemt zijn schaduw het lopen van hem over. Beck wordt over de grond door de zwarte figuur voortgetrokken. Ingewikkelder werd het toen Gondry bedacht dat Kylie Minogue in haar clip achter zichzelf aan zou moeten lopen. Het idee was dat ze uit een winkel zou komen, een pakje zou laten vallen en vervolgens via een aantal voetpaden van een verkeerspunt weer op hetzelfde punt zou uitkomen. Op dat moment zie je twee Kylies in beeld, de eerste die het pakje laat vallen en de tweede die het pakje opraapt. Je volgt de twee Kylies die weer hetzelfde rondje lopen, totdat er uiteindelijk vier Kylies in het beeld staan. Om dit technisch voor elkaar te krijgen moest de camera een aantal keer exact dezelfde beweging maken. Hij werd aan een computer gestuurde arm gemonteerd, zodat de film, die meerdere keren werd opgenomen, over elkaar heen gelegd kon worden. Zo bleef de achtergrond hetzelfde terwijl er steeds meer personen en hun klonen door het beeld liepen.
 

 



 

Chris Cunningham’s clips hebben meer iets van angstaanjagende visioenen, die daardoor niet minder mooi of intrigerend zijn. Hij neemt de muziek als uitgangspunt en gaat vanuit die sfeer naar beelden zoeken. Voor het maken van de clip bij het nummer ‘Only You’ van Portishead liet hij zich inspireren door de onwereldse stem van Beth Gibbons. Hij vond haar klinken alsof ze vanuit het diepste van de zee zingt.  De clip laat een smal donker straatje zien. Vanuit het einde van de straat komt een kleine jongen je richting in gelopen. Zijn bewegingen zijn vreemd en als hij dichterbij komt zie je dat zijn haar in de lucht zwemt. Dit wonderlijke effect wordt gecreeerd doordat de personen in een watertank werden gefilmd. Achteraf zijn alle luchtbellen uit de film weggeshopt en zijn de figuren tegen de achtergrond van het smalle steegje gezet. Toen hij het nummer ‘All is Full of Love’ hoorde van Bjork kwamen de woorden sexueel, melk en witporcelein in hem op. In de clip die hij maakte zie je de twee robotten de liefde met elkaar bedrijven en uiteindelijk in elkaar versmelten. Bjork is een bloedmooie robot geworden. Om dit te bereiken werden er twee films gemaakt: een van Bjork en een van de robot. De bewegingen moesten precies synchroom lopen zodat naderhand  Bjorks trekken in het robothoofd konden worden gemonteerd. Haar gezicht heeft de subtiliteit gehouden die je bij antieke poppen ziet. Sereen en sexy tegelijk.
 
In de videoclip ‘Scream’ van Janet en Michael Jackson pakte regisseur Mark Romanek voor een slordige zeven miljoen dollar uit. Janet en Michael hebben hun eigen ruimteschip gekregen en dansen er wat in het rond. Op grote schermen zijn Manga figuren te zien, afgewisseld met kunst van Pollock die morft in een Magritte.  Grote ruiten springen uit elkaar en het computer-geanimeerde glas valt in een Zen-tuin. Het lijkt een feestje dat de onbeperkte mogelijkheden van de techniek viert.
 
Temidden van deze visuele orgie aan technische hoogstandjes was het de clip 'Praise You' van Fat Boy Slim,geregiseerd door Spike Jonze, die door de MTV kijkers tot beste clip aller tijden werd uitgeroepen. Wat je ziet is dit: Voor een theater staan mensen in de rij om naar binnen te komen. Dan komt er een man met een baard, zeg maar gerust, een nerd met een baard, zo iemand die je op straat vraagt of je lid wil worden van een schimmige stichting vol goede bedoelingen. Hij zet een gettoblaster neer. En bloedserieus begint hij, samen met een heel onproffesioneel uitziende dansgroep, een ongelooflijk knullig dansje. Je ziet dat hij wel weet hoe het eruit zou moeten zien, de pasjes zijn zorgvuldig ingestudeerd maar de manier waarop de groep beweegt is helemaal fout. Even dreigt een bewaker de regendans te verbreken maar de sullige baardman springt hem zo enthousiast om zijn nek  dat hij de boel maar z'n beloop laat, als de dood voor nog zo’n innige omhelzing. De muziek wordt teruggespoeld en weer aan gezet, de dansers tellen hardop mee en....daar gaan ze weer.
 
Het lijkt misschien een knullige clip, maar over elk detail is nagedacht. Alleen al op het dansje werd al drie maanden geoefend. De aerobickleding van de dansgroep is veel gedragen en vaak gewassen. Het geluid van de gettoblaster mengt met het verbaasde commentaar van het kijkende publiek. De camera is van het doorsnee amateur type waardoor het beeld veel ruis vertoond en onvast overkomt. De omstanders hadden geen idee van het feit dat er een clip werd gemaakt. Het is alsof je in plaats van TMF naar een optreden in het buurthuis aan het kijken bent. Fat Boy Slim had na het maken van de clip het gevoel dat ze dit keer misschien iets te ver waren gegaan. "It looked too silly."  Zijn platenmaatschappij had aanvankelijk geen zin om achter deze totale onzin te staan. Maar kwaliteit wordt altijd herkend: de clip werd een hit. Spike Jonze gooit in deze clip alle technische trucs overboord. Praise You is zo verassend omdat het totaal buiten de MTV taal valt. Het refereert nergens naar en staat los van elke traditie. Het is een eenling.
 
De combinatie van onschuld en onbenulligheid, die niet meer van deze wereld lijken te zijn, is ook het sterke punt van Rodeo van Butink. Je hebt het te doen met deze man, het heen en weer schudden van zijn lichaam maaakt hem tot willoos object van de machine in plaats van andersom. De man en zijn graafmachine, de mens en de techniek, de mensheid en haar verworvenheden: A poor lonesome cowboy, a long long way from home

back